Veel schrijvers houden één bepaalde
lezer voor ogen bij het schrijven van een roman.
Bij het herschrijven van Seizoensgebonden besloot ik voor dit doel een zeer kritische
lezer te kiezen.
Toen ik bij een bezoek dat ik tijdens de Boekenweek 2010 aan gemeenschappelijke vrienden bracht en voor het eerst sinds jaren I. weer ontmoette wist ik dat ik de juiste persoon gevonden had.
Toen ik bij een bezoek dat ik tijdens de Boekenweek 2010 aan gemeenschappelijke vrienden bracht en voor het eerst sinds jaren I. weer ontmoette wist ik dat ik de juiste persoon gevonden had.
Zij gaf stevig af op het
Boekenweekgeschenk Duel en de rest van het oeuvre van Joost
Zwagerman, waar volgens haar een flink deel uit geschrapt kon worden,
omdat het vreselijk langdradig was.
Ik heb een aantal meelezers, die weinig
gelezen hebben, die mijn boek ‘best wel goed’ vinden en een aantal
die meer belezen en dientengevolge wat kritischer zijn.
En daarnaast vind ik dat mijn boek voor
deze brede groep leesbaar moet zijn.
Dus leuk genoeg om door te blijven
lezen, ook door de wat minder toegankelijke gedeelten, voor
iemand die bijvoorbeeld eigenlijk helemaal geen zin heeft te lezen
over een oude, dementerende vrouw die na een val in een
verzorgingshuis belandt, omdat er zoveel leuke passages doorheen
zijn gevlochten dat als ze het boek uit hebben tot de conclusie
komen dat ze de beschrijving van al die ellende toch wel mooi hebben
gevonden.
Je kunt natuurlijk geen boek schrijven
dat iedereen goed vindt, maar je kunt daar wel naar streven.
Hoewel I. niet tot de lezerskring
behoorde die mij tijdens het schrijven van Seizoensgebonden met
suggesties om mijn boek te verbeteren ter zijde heeft gestaan, is zij
me door haar opmerking over het werk van Zwagerman te maken zeer
behulpzaam geweest.
Het is als auteur natuurlijk nooit leuk
om te vernemen dat sommige stukken van je boek stomvervelend worden
gevonden, maar ben erg blij dat zij de gedachte dat een groot
gedeelte altijd nog veel scherper geformuleerd kan worden nog dieper
bij mij heeft ingeprent.
Voor mij was I. dus de ultieme lezer.
Ze heeft niet snel de nijging om mild
te oordelen over wat ik geschreven heb, zoals iemand die familie of
nauw bevriend is.
Ik denk dan ook met veel plezier terug
aan de laatste woorden die zij mij op die lentedag in 2010 ten
afscheid toevoegde.
“Hé, ik wil volgend jaar niet
opnieuw horen dat je je boek nog niet voltooid hebt!”
Erg motiverend.
Rest mij mijn dank aan mijn lief en
muze Marianne Cramer uit te spreken.
Zonder wier raadgevingen en correcties Seizoensgebonden nog vol met foutjes, die je als schrijver in
je eigen werk nu eenmaal over het hoofd ziet, zou staan.
En er miste ook nog altijd iets in Seizoensgebonden en in mijn leven, een romantische c.q.
erotische verhaallijn, zij heeft mij de inspiratie daarvoor gegeven
en we hebben het laatste gedeelte van Seizoensgebonden dus
eigenlijk samen geschreven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten